Regentesselaan 9 Bussum

Eduard Prins
Deventer 23 juni 1874 – Sobibor 9 juli 1943

Selma Prins-Rothschild
Keulen 15 oktober 1878 – Sobibor 9 juli 1943

Eduard Prins is een van de dertien kinderen van Maurits Prins. Eduard wordt geboren in Deventer op 23 juni 1874. Hij is het zesde kind uit het eerste huwelijk van Maurits, na hem komen er nog drie kinderen. Als Eduard vijf jaar is, overlijdt zijn moeder. Zijn vader hertrouwt en uit het tweede huwelijk worden nog eens vier kinderen geboren.
Vader Maurits zet in 1875 in Dinxperlo een filiaal op van de Deventer Tapijtfabriek. In 1882 verhuist het gezin naar Dinxperlo. Jarenlang voert vader Maurits daar samen met zijn neef (die ook Maurits heet) de directie over dit filiaal. De een wordt “grote Mau” genoemd en de ander “Kleine Mau”. De twee directeuren genieten groot aanzien in de gemeenschap van Dinxperlo. Ze zorgen voor een collectieve ziekenverzekering voor het hele personeel. En de familie Prins doet veel voor de dorpsgemeenschap. De twee Mauritsen wonen elk met hun gezin in een groot landhuis. 

Op 31 mei 1899, hij is dan 24, trouwt Eduard met Selma Rothschild. Het huwelijk vindt plaats in Keulen, de stad waar Selma twintig jaar eerder is geboren. Ook Selma komt uit een groot gezin: ze heeft zeven broers.

Eduard en Selma gaan wonen in de Jekerstraat in Amsterdam. Eduard handelt in meubels. Het stel krijgt zeven kinderen. Het oudste, een jongetje, wordt vernoemd naar opa Maurits. Hij overlijdt al na ruim een maand.

Op 25 juli 1934 verhuist het gezin naar Bussum en neemt het zijn intrek op de Regentesselaan 9. De twee oudste dochters Julia en Martha zijn dan al getrouwd en het huis uit, maar de andere vier gaan mee naar Bussum. Ook Elisabeth, George en Regina verlaten kort na elkaar het ouderlijk huis. Max blijft het langst bij zijn ouders wonen. Hij trouwt in 1941 met zijn nichtje Regina. Zij gaan wonen in Bussum op de Comeniuslaan nummer 1. 

Op 22 januari 1943 verhuizen Eduard en Selma, waarschijnlijk gedwongen, naar Amsterdam. 

Op 6 juli worden zij uit Westerbork gedeporteerd naar Sobibor. Drie dagen later, op 9 juli 1943,  zijn ze daar vermoord. Eduard is dan 69, Selma 64 jaar oud.

Vier van de zes kinderen van Eduard en Selma zijn ook vermoord door de nazi’s: Julia, Max, Martha en Regina. Elisabeth en George overleefden de oorlog.

Van de zeven broers van Selma overleden er drie voor de oorlog, de andere vier overleefden de oorlog.  

Aan de gevel van Regentesselaan 9 is door de bewoners in 2013 een gedenkplaat aangebracht voor Eduard en Selma Prins-Rothschild. Met die gedenkplaat wordt ook Lothar Meyer herdacht die enkele maanden bij het echtpaar Prins inwoonde. Hij was toen 17 jaar oud. Na ruim twee maanden ging hij terug naar zijn moeder op de Julianalaan 14. Lothar Meyer, zijn moeder en zijn zus zijn in 1942 in Auschwitz vermoord. Voor hen wordt een struikelsteen geplaatst voor hun huis aan de Julianalaan.

Bronnen: o.a Joodsmonument, gooi en vecht historisch. Yvng.yadvashem. org stadsarchief Amsterdam oorlogsbronnen maxvandam.info